Gelijkmoedigheid/Menoechat ha-nefesj

Al een leven lang kom ik mijzelf voor als een wat nerveus, snel afgeleide, vrij vlug ontdane, niet zelden donkerdenkende  persoonlijkheid. Ik miste een dieper gegronde rust.

door Rob Cassuto

De zoektocht daarnaar heeft vele vormen aangenomen. Je kan natuurlijk veel over jezelf en de ander en de wereld nadenken, zo niet piekeren; dat kan zinnig zijn, maar ook leiden tot een doodlopende weg of zelfs van de wal in de sloot. Er moest ook nog een andere weg zijn, was mijn intuïtie.
Zo raakte ik al lang geleden bezig met het vinden, uitbreiden en cultiveren van een innerlijke plek van kalmte en onthechting. Een paar jaar lang in mijn 20-er jaren leken de drugs een voorlopige en natuurlijk bedrieglijke uitredding.
In mijn tweede levenshelft heb ik therapieën en levensscholen gevolgd (zoals het ITIP, een soort moderne spirituele ontplooiingsweg, en de Ridhwan school, een soort combi van psychologie en modern Soefisme.)

Daar heb ik veel uit meegenomen, o.a. het belang van gewaarheid en meditatie en de voor mij bestaande noodzaak telkens naar een oordeelloze gewaarheid terug te keren, zo vaak mogelijk per dag.
Na mijn terugkeer naar het jodendom probeer ik dat ook in het jodendom te vinden en dat ‘in een joods format’ te doen.

Een van die zaken is te vinden in de Mussar en met name in de mida menoechat ha-nefesj.

Wat doe ik dan?
Mij zelf herinneren, gewaarheidsmomenten inlassen, zoveel mogelijk.

Dat lukt natuurlijk heel vaak niet. Hele perioden zakt het weg. Maar dan weet ik het weer. Het is eigenlijk een voortdurende zelfvergetelheid doorbreken.
Normaliter gaat de stroom van gedachten onbewust maar door. Dat gaat vaak langs de uitgesleten paden van mijn meestal vrij ineffectieve denkgewoonten, of ik spreek en doe met anderen op de routine van gebruikelijke impulsen, die meestal om MIJ draaien, etc.

Maar als je gewaar bent doe je telkens een stapje terug, je onthecht je, neemt afstand, je slaat niet het eerste het beste zijpaadje in wat zich voordoet.
Je herinnert je je diepere zelf. Je vraagt je af, hoe is het met mij, naar geest, ziel, lichaam, waar ben ik, wie is die ander?
Even afstand nemen en zie.

Het is getuige wezen van je eigen impulsen en gemoedsbewegingen. Daar een enorme ruimte omheen zetten.

Dat stapje terug, zeg maar onthechting, is iets heel anders dan onbetrokkenheid of afscherming van je zelf, dat brengt onverschilligheid en isolatie.
Het maakt juist ruimte voor een diepere betrokkenheid.

Het maakt het contact dieper en intenser. Het maakt angstige of lastige situaties dragelijker. Menoechat ha-nefesj is een instrument, dat je bij alle andere midot kan inzetten. Het maakt o.a. compassie mogelijk, met jezelf en met anderen. Het is sterk verwant met Mindfulness.
Wat mij helpt is Meditatie/gebed. Als je wakker wordt nog in bed, word je je bewust van de gift van een nieuwe dag, naar lichaam en geest. Ook al voel ik me niet lekker zeg ik ‘modeh ani lefaneicha etc (zie sidoer), en daarna eenmaal opgestaan mijn eigen ochtendgebed.
Gebed en meditatie brengt mij meer naar de kern van mijzelf. Allemaal manieren om de tredgang van de patronen te doorbreken. Het zet ook de toon voor de gewaarheidsmomenten in de rest van de dag.
Een ‘joodse mantra’, die ik veel heb gebruikt, als anker om mijzelf weer ‘bij bewustzijn’ te brengen: ‘Shiviti Adonai lenegdi tamid’, ‘ik stel de Altijdzijnde voor mij’ (Psalm 16:8), al dan niet op eigen melodie.


 

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *